Totaal aantal pageviews

zondag 12 januari 2014

weer een snellere rondetijd van Hannah!

Zaterdagnacht heb ik dan eindelijk mijn eerste travestietenshow meegemaakt. Lang niet slecht eigenlijk, al playbacken de dames alleen maar. Maar dan heb je ook wel wat: alle Amerikaanse diva's als Barbara Streisand, Shirley Bassey, ja zelfs "Cabaret" Liza Minelli komen langs. Een van die kerels heeft een boezem waarop je een partijtje tafeltennis zou kunnen spelen. Zo te zien helemaal echt. En eerlijk, gezegd, een van die mannen zet werkelijk prachtige zaangeressen neer. Af  en toe wordt er eens een schedel van een kalende man met een bhvulling wat opgepoetst. Op een gegeven moment neemt zelfs een tot dat moment rustig voor zich uit starende Brit ineens een van de zangeressen speels van achteren, tot luid plezier en luid applaus van het vrijwel volledig Britse publiek. Als ik aan de bar sta raak ik in gesprek met Patrick uit Noord Ierland. Ik krijg zijn visite kaartje waarop staat dat hij een Aztec Consultant is. Wat is dat voor "Mumbo Jumbo" vraag ik hem. "Nou eigenlijk ben ik gewoon een 'male prostitute'. We kletsen nog even gezellig wat door maar ik maak wel duidelijk verder geen interesse te hebben. 's Nachts houdt de disco beneden me een tijdje uit de slaap. Toch wel een grote stad eigenlijk, dat Benidorm.

Zaterdagmorgen trek ik er weer op uit op mijn Cube. Al na 5 kilometer rijd ik lek. Waarom overkomt mij dat toch altijd, denk ik, als een peloton fietsers mij voorbij komt. Maar goed, na een half uurtje hannesen rij ik weer. Net zoals twee dagen geleden gaat de weg snel de hoogte in tot bijna 1000 meter in een landschap dat mij sterk aan Corsica doet denken; uitgestorven op een enkele auto na. In de verte de ruige piek van Puig Campana. Prachtige rotsen omringen me, de weg gaat alsmaar omhoog, richting Alcoleya. Dat haal ik niet niet omdat de zorgplicht roept, ik moet proberen rond een uur of drie weer aan het bed van H. te staan. Ik draai om en stort me suizend omlaag, terug naar de kust van B.

Als ik aankom in het Hospital Clinica Benidorm stuitert Hanneke al behoorlijk langs haar bed heen en weer. De eerste rondgang over de gang (letterlijk, want die gang loopt rond) heeft ze gisteravond buiten mijn aanwezigheid al gemaakt. Vandaag wordt het tweede rondje gedaan in weer een  betere rondetijd! Zie bijgaand het flitsende resultaat.


Johanna komt er wel. Als we tegen het eind van de middag, nadat de buurvrouw met een speciaal geprepareerd vliegtuig naar Nederland is vertrokken, de bedden heen en weer rollen, zodat ze recht voor de tv komt te liggen helpt ze gewoon een handje mee met duwen. Het is maar goed dat de verpleegsters het niet zien. Die zijn alleen al boos omdat we buiten hun medeweten de boel aan het verbouwen zijn. Enfin, Hannah zit nu recht voor het tv toestel waarop we vanavond lekker ons VPRO avondje kunnen vieren met de belevenissen van John O 'Hanlon.

Ik heb nog wat heen en weer gewandeld in Benidorm, maar daar kan ik zelfs met de beste wil van de wereld niks enthousiasts over zeggen. De ene lelijke flat na de andere, aan het strand allemaal vreettenten. In de meest burgerlijke van allemaal, de Burger King, ga ik eten. Als je iets fouts doet moet je het ook goed fout doen.


zaterdag 11 januari 2014

Terwijl mijn schatje ligt te lijden zet ik de bloemetjes buiten

Benidorm, 10 en 11 januari
Even iets opbiechten. Gisteravond is het er niet meer van gekomen nog een blogbericht te maken. Schrijver dezes was enigszins beneveld thuisgekomen van een etentje met de kennissen van Huub en Mechel, Ronald en Jeanette. Ronald werkt en woont hier al 32 jaar en kent dus de streek op zijn duimpje. Net als vele andere Nederlanders huren ze een prachtig appartement in Altea, pal aan zee, met een fraai ei-vormig zwemdbad onder de palmen voor de deur. Ja, zoiets zou ik ook wel willen eigenlijk. Als pensionado die net komt kijken komt je hier wel op ideeën.  Terwijl Hanneke in stilte in haar bedje ligt te lijden zet meneer dus de bloemen buiten in het oude centrum van Altea (zie mislukte foto om toch een idee te krijgen).
Het blijkt de plaats waar vele Nederlandse wielerploegen in de wintermaanden trainen. Dan begrijp ik beter waarom ik onderweg soms zo gemakkelijk gepasseerd wordt door allerlei renners; laten we het er maar op houden dat dat allemaal trainende profs zijn.
We eten paella in een restaurant waar enorme schilderijen van Bruce Springsteen en Amy Huiswijn hangen en jazz uit de door Ronald geleverde speakers komt; er zijn slechtere plekken denkbaar.

Ronald en Jeanette hebben ook nog een vriendin uitgenodigd die ook al jaren hier in de horeca werkzaam is. Ze is net werkloos geworden en vertelt honderduit over het horecabestaan aan de Spaanse Costa Blanca met zijn ups en downs. Toch denkt ze er niet over terug te gaan naar Nederland; daarvoor is het leven hier toch veel te aantrekkelijk. Ze heeft al weer een nieuw baantje op het oog bij een stel Nederlandse jongens die hier een restaurant willen beginnen.

’s Middags heb ik een uurtje of zes bij Hanneke doorgebracht. De pijn is wat verminderd en ze kan zowaar al enige beweging met haar knie maken. Een blik op die knie, met alle toeters en bellen er aan wil ik jullie toch niet onthouden.
  Ze voelt zich nog heel erg slap. ’s Anderen daags (vanmiddag dus) blijkt dat ze bloedarmoede heeft. Ze krijgt twee zakken extra bloed. Ze snakt naar koffie maar die mag ze, terwijl ik juist binnen breng, nog niet hebben zo lang ze aan het infuus ligt. Als dat geen kwelling is, de geur van heerlijke koffie in je neus terwijl je die niet mag hebben. Maar een verpleegster strijkt over haar hart en koppelt de bloedzak even los; dan mag de koffie wel.
Het gaat vandaag wel wat beter met mijn lief. Ze is nog erg pips en heel snel moe, niet gek als je te weinig bloed in je mik hebt. Vanmorgen  ze heeft ze voor het eerst op de kamer achter de rollator gestaan en wat heen en weer geschuifeld. En wat oefeningen gedaan. De vrouw naast Hanneke bevestigt dat de fysiotherapeut zeer tevreden was over deze eerste bewegingen. Ook is er al een machine aan het werk gezet die het gewricht een twintig tal keer heeft gebogen.

En de drains zijn er uit gehaald; dat was geen pretje om het maar zachtjes uit te drukken. Mechel, zelf oud verpleegster, had haar daar al op voorbereid. “Bijt maar even op je tanden als het  zo ver is” was haar kordate advies. Dat bleek hard nodig. Maar goed, ook die hobbel is achter de rug. Hanneke wordt nu onrustig in bed; “ik ben het liggen beu”, zegt ze. Een goed teken. 

donderdag 9 januari 2014

De dag van de vlammende pijn

Benidorm, 9 januari
De zomerse luim die de afgelopen twee dagen bezit van ons had genomen was in één keer over toen ik vanmorgen Hanneke op de intensive care zag liggen; heel bleek, alsof er poeder over haar gezicht was uitgestrooid, en allemaal “piepen en buuzen”, zoals ze in Zeeland zeggen. Het meiske had het zichtbaar zwaar. De pijn was van haar gezicht af te lezen. ’s Middags, toen ze weer bij positieven was, kon ze het uitleggen. Je kunt als je een operatie ondergaat een ruggenprik krijgen waarmee ze een pijnstiller je lichaam in jagen. Hanneke wilde die niet en daardoor kreeg ze bij haar ontwaken de volle laag met vlammende pijn. Pas toen begon het pijnstillerapparaatje kleine doseringen af te geven. ’s Middags zei ze me dat ze zich had afgevraagd wat het meest pijnlijk was, een bevalling of dit. Ik stond erbij en keek er naar. De rest van de dag (’s morgens had ik nog vrolijk gerend langs de duizenden bejaarden die de baai omzoomden) had ik nergens zin meer in. Eigenlijk ben ik best een gevoelig ventje, overkomt Hanneke wat, dan ben ik gelijk ook nergens meer. Heel anders dan dat stoere beeld dat ik graag van mezelf koester.
’s Middags ging het dus een stuk beter. De ergste pijn was inmiddels verdwenen. Ze verbleef nog steeds op de intensive care;  ze blijft daar 24 uur, een standaardprocedure in deze kliniek. Huub en Mechel staken ook nog even hun hoofd om de hoek; die zijn er nog en gaan morgen weer terug.
Over wat er nu precies gedaan is, of ze wel of niet een nieuwe knieschijf heeft bijvoorbeeld, is nog niets gezegd. De arts is al wel een keer langs geweest, maar die heeft nog geen uitgebreid verslag gedaan geloof ik. Daar is ze momenteel ook nog te duf voor.

Enfin, de lange weg terug omhoog is aangevangen. Het zal niet van een leien dakje gaan, maar dat had ook niemand verwacht, Hanneke zeker niet. Het is een reële meid die zich er kranig doorheen zal slaan; mark my words. Komende dagen zal ik ook wat foto’s van haar maken; vandaag vond ik dat nog even niet kunnen. 

woensdag 8 januari 2014

Eenzaam zonder Hanneke weet ik nu alles over de laatste mannenmode 2014

Benidorm, 7 en 8 januari 2014
                                         Benidorm op dinsdagmorgen 7 januari vanuit Royal Queens

                                          eveneens vanuit Royal Queens, op de achtergrond de 
                                          baai van Benidorm, het Playa Levante


Dat hier heel veel bejaarden overwinteren wist ik wel. Maar dat het er alleen al in de regio Benidorm 220.000 zijn en dat het hier overdag een graad of 20 is en bijna altijd een blauwe lucht, nee dat hadden we toch niet verwacht. Aan het strand lag menig oudje in bikini of zwembroek te zonnen! We kunnen het niet geloven, amper 2 uur in het vliegtuig en je zit op een terras alsof het laat in het voorjaar is. Wijzelf hadden niet meer aan dan een trui, die halverwege de boulevard uit kon. Toen een uur later mijn broertje Huub met zijn vrouw Mechel ons tegemoet liep en we op een terras neerstreken en aldaar anderhalve liter Sangria-Cava pastoor maakt (een mengsel van witte wijn en likeur met vruchten) kon ons eerste dagje niet meer kapot. Van het vliegveld waren we opgehaald door een allervriendelijkste dame en chauffeur met ambulance, vooral handig voor mijn grote fietsdoos, die moeiteloos naast het ambulancebed kon staan. Ze nam afscheid van ons met een ferme kus op ons beider wang. Viva L’espagna!
Mijn hotel, Royal Queens, geheten blijkt een Brits nichtenhol te zijn midden in het oude centrum van B. ’s Avonds geven de Queens Girls er een showjte om een uur of elf. Het blijken allemaal, de naam van het hotel zei het immers al, enorme Drag Queens te zijn. Nou, ik moet maar een vork inslikken de komende dagen, zegt mijn broer, “dan krijg je tralies voor je hol`.
Hanneke’s kliniek lijkt bij binnenkomst een disco: allemaal glanzende metalen strips op de pilaren en bij de entree een grote ledinstallatie die alle kleuren van de regenboog aanneemt. Maar verder is alles super. Een Nederlandse ziekenhuis oogt dan maar gewoontjes, hier is duidelijk een designer aan het werk geweest. Het personeel aan de balie spreekt gewoon Nederlands.  Boven  op de kamer komt H. terecht naast een Nederlandse vrouw te liggen die al fietsende door een auto is geschept. Alles is gebroken en ze zit onder de bloeduitstortingen. Geen vrolijk gezicht, zo’n buurvrouw.
Hanneke wordt aan de lopende band voor allerlei klusjes opgeroepen, bloedafname, bloeddruk meten, enz. En ze mag onder geen beding meer van de afdeling af. Dan is het maar goed dat ik er ben, ik haal koffie en lekkere dingen.
’s Avonds zit ik alleen in Benidorm achter een lauwe pizza naar een uitzending van FashionTV te kijken. Ik weet nu dat de mannenmode voor 2014 half korte zeer ruim vallende broeken boven soldatenkistjes voorschrijft. Op het hoofd een basballpet met een klep met een lengte van ongeveer een meter. Nee, zo alleen in Benidorm is helemaal niks.

Vanmorgen op mijn racefiets het achterland van B.  opgezocht.  Langs een omhoog stekende naakte granieten punt van 1500 meter hoog zie ik verschrikkelijk af op alsmaar omhoog gaande wegen. Klimmen is net als bevallen. Als je er weer aan overgeleverd ben realiseer je je pas hoe verschrikkelijk het de vorige keer was. Om een uur of drie ga ik weer bij Hanneke langs. Die zit al de hele dag op de afdeling en kijkt hals reikend uit naar wat fruit en snoep. Nou, daar heb ik voor gezorgd. Ik stal een halve  fruitwinkel en een enorme zak met allerlei zoetigheden voor haar uit. De rest van de middag zitten we gezellig met elkaar te keuvelen en te internetten op een bank in de hal. Ik maak kennis met mevrouw Vasbinder, een dame met knalrode zolen onder haar hoge hakken (ziet Hanneke, niet ik deze keer) die lid van de directie is. Of het ons bevalt hier. We hebben niet te klagen. Als er ook maar iets  is neemt u even contact met me op. Zullen we doen. Om een uur of 8 in de avond laat ik mijn lief achter en wens haar alle sterkte. Bij een supermarkt koop ik een ingepakte kouwe kip voor nog geen 5 euro. Die lauwe pizza van gisteren zal me niet meer overkomen.

dinsdag 24 december 2013

De schijn van moderne techniek tast De Klaploper niet aan

En alweer zaten we in de Wegwijzer, dat alleraardigste kleine theatertje, aan het eind van een dorpsweggetje weggestopt in Nieuw en Sint Joosland. Als je het niet weet te vinden kom je er van zijn leven niet langs. En toch is het er bijna altijd vol. Ook nu weer met de laatste voorstelling van theaterproductiebedrijf Zeelandia met de monoloog "De Uitvreter" van Nescio in de regie van Lidwien Roothaan. De monoloog van Han Kerckhoffs dwingt alleen al vanwege de lengte alle respect af. Maar zijn dictie, zijn rust, zijn geweldig. Anderhalf uur duurt de voorstelling, maar de centrale figuur Japie "zijn achternaam ben ik eigenlijk nooit te weten gekomen", een klaploper bij uitstek, blijft een raadsel. De prachtige regels van Nescio zijn onaangetast gebleven, dat doet recht aan zijn kwaliteit. Maar toch vraag ik me af of die twee= en driegesprekken niet beter door afzonderlijke acteurs gedaan hadden kunnen worden. Nu moest de broodnodige afwisseling komen van de Rotterdame multi=instrumentalist Keimpe de Jong. Altijd weer een genoegen om die man bezig te zien en te horen, nu met een geluidsband zichzelf regelmatig op weer andere instrumenten begeleidend. Op geraffineerde wijze denk je aanvankelijk met een moderne overdubtechniek te maken te hebben, maar gelet op de vele akkoordenwisselingen is het toch een geluidsband. Leuk hoe je ook de   tchnische snufjes kunt suggereren zonder ze daadwerkelijk toe te passen. Nee, dit was echt ambachtelijk theater van de betere soort, de zoveelste voltreffer van Zeelandia.

Dordrechts Museum heeft een mooie tentoonstelling maar houdt het veel te clean

De Volkskrant stelt in zijn kerstbijlage vast dat een van de topic trends van het afgelopen jaar de opkomst  van de musea in de provincie is. Terecht, zoals ik afgelopen week weer kon vaststellen, nu in Dordrecht, daaar waar ik eerder die conclusie ook al trok in het Noord Brabants Museum in Den Bosch en het Museum voor Moderne Kunst Arnhem. Allemaal springlevende musea met prachtige tentoonstellingen die niet onderdoen voor wat de grote broers te berde brengen. Kijk nu eens naar het Dordrechts Museum met een leuke expositie over de kunst in de jaren tachtig. Bekende namen duiken op: Rob Birza, Peter Klashorst, Rob Scholte, René Daniels en een ontluikende Marlène Dumas. Niet dat ik van al dat werk onder de indruk ben. Van het fletse schilderwerk van René Daniels heb ik nooit wat begrepen, ik beschouw hem maar als een "artist's artist" want kunstenaars en bobo's zijn er altijd zeer van onder de indruk. Peter Klashorst ken ik eigenlijk meer van de schandalen die hij met zij vrije levenswandel in en buiten Afrika veroorzaakte, zijn werk vind ik nonchalant en zeer gedateerd. Birza en Scholte echter, om van Dumas maar te zwijgen komen nog steeds even krachtig over als ze toen zullen hebben gedaan. Ik zeg "zullen hebben", want met kunst hield ik me in die jaren helemaal niet bezig. Ik was bezig de samenleving te verbeteren in de vakbond; weer een hele andere manier van verbouwing dan die de krakers nastreefden. Soms wordt ik een beetje moe van al die krakers-aandacht op dit soort nostalgische exposities; alsof er in dit tijd geen andere vormen van protest waren; maar akkoord ze waren beeldbepalend in die dagen,en daardoor makkelijker te reproduceren, dat wel.
Een gemist kans toch weer is de onbedwingbare behoefte van ook de kleinere musea om zich als "white cube" te presenteren. Juist een tentoonstelling die zo uitvoerig refereert aan kraak- en punkbeweging zou het hebben gesierd die in geluid en entourage meer te tonen. Alleen de laatste zaal, met wanden die voorzien zijn van in die tijd veel gebruikt graffity sjablonen en bijbehorende documentaire (alleen te beluisteren op koptelefoon) komen in de richting. Het had uitbundiger gekund. Maar blijkbaar moet een museum toch een eerbiedwaardige plek blijven; niet raar dat je jongeren er nauwelijks ziet (behalve als ze er klassikaal doorheen worden gejaagd).

donderdag 19 december 2013

Is een wolk niet toevallig een rotsblok?

In het Museum Bozart in Brussel geweest. ‘Bozart’, een mooie oplossing in de eeuwigdurende taalstrijd, de Franse naam mag, maar dan wel fonetisch geschreven. OK, dus in het Bozart geweest. Ik wilde eigenlijk naar het nieuwe museum Fin de siècle (dat dan weer wel in het Frans, maar Fin de siècle is een internationale soortnaam geworden dus dan mag het weer) maar mijn lief wilde naar het René Magritte museum, en daar was ik ook nog nooit geweest, dus hebben we dat gedaan.
René Magritte, “ceci n’est pas un pipe”, Belgischer kan niet. België is niet alleen hét land van de surrealistische schilders, het ís ook surrealistisch. Dat merkten we de avond ervoor toen we dachten een pittoreske avondwandeling te kunnen maken over de met leuke kerstlichtjes versierde Groote Markt. Mis. Men had het nodig gevonden in deze donkere dagen een “stemmig” klank- en lichtspel op te voeren. Wat je  kreeg was een donderend spektakel van de meest afschuwelijke computermuziek met aan en uit flitsende lichten in alle kleuren van de regenboog op de eeuwenoude gevels. En dat op een markt die zo vol stond dat er niemand mee bij kon. Gevolg: volkomen vast zittende zijstraten. We hebben er een uur over gedaan om van de ene naar de andere kant te komen en hebben dus de hele wanvertoning moeten ondergaan.
Magritte dus. Een tentoonstelling die om mysterieuze redenen geheel in het duister is opgezet. Ik begrijp dat daglicht zich moeilijk verdraagt met de kleurige affiches en tekeningen maar waarom dat nu ook de zaal met het schilderwerk van Magritte in dit duistere licht is gehuld ontgaat me. De Nachtwacht hoef je toch ook niet bij een peertje van 25 watt te aanschouwen?
Het leuke van de tentoonstelling is dat niet alles precies in chronologische volgorde is neergezet en opgehangen. Pas na een  tijdje ga je de constanten in het werk van Magritte zien: de bolhoed, de kattenbelletjes, de uitgehakte deuren, de met doeken bedekte gezichten, de uit de grond groeiende vogels enz. Ook zie je telkens weer dezelfde namen van kunstenaars opduiken met wie hij samenwerkte. Magritte was een echte coöperatief werkende bedenker van gekke invallen. En toch ook weer een heel burgerlijk levende man  tesamen met zijn  Georgette. Een  man van merkwaardige tegenstellingen dus. Beginnend als kunstenaar die alle zekerheden ter discussie stelde: “is een wolk wel een wolk en toevallig geen rotsblok?” en later alsmaar dezelfde prachtige nachtgezichten onder een heldere zomerhemel schilderde omdat die zo goed verkochten.

In een schitterende documentaire aan het eind vallen alle puzzelstukjes op hun plek. Je hebt bij het naar buitengaan het idee dat je Magritte begrepen hebt. Ook al is dat misschien niet echt zo, de illusie alleen al geeft een goed gevoel.