Totaal aantal pageviews

zondag 23 december 2012


Bonheur

do 12-11-2009 10:42

gezien: de kleine eva uit de kromme bijlastraat van Bonheur

Nog nooit zo’n klein speeloppervlak gezien: een gangpad voor de eerste rij. Dan een spierwitte muur met daarin twee deuren. En een hel spotlight. Dat is het minimalistische decor waarin door drie acteurs het 40 pagina’s lange ‘prozadicht’ wordt opgevoerd dat Louis Paul Boon schreef in 1953 aan de hand van krantenknipsels over een gruwelijke moord in Antwerpen in 1937 op het jonge meisje Eva Blancken. Verontrustend actueel op dezelfde dag waarop in België het lijkje werd gevonden van een kind dat van zijn ruzieënde ouders was weggelopen. Op de ouders van Eva Blancken viel ook het nodig aan te merken: ‘hij is zestig men zegt dikwijls dronken/ zij is dertig zegt men dikwijls heet’. Die laatste zin, daarover werd door het publiek gegrinnikt. Zoals heel vaak terwijl we toch getuige waren van een vreselijke geschiedenis. Louis Paul Boon weet echter genadeloos door de hypocrisie heen te prikken van alle partijen die zich met deze onverkwikkelijke zaak bezig houden; de advocaten, de pers, de rechters (die uiteindelijk een makkelijke te beïnvloeden ‘dombo’ in de persoon van ene “Voghel” gedeeltelijk veroordelen) en vooral het publiek. Dat smult van details als “het broekje dat over de dijen was opgestroopt”. Zoals ook wij ons regelmatig ongemakkelijk vermaken met de aan de orde gestelde beschamende situaties.
De sobere vorm die Bonheur heeft gekozen maakt dat men zich volledig kan concentreren op de taal; die van Louis P. deze keer een zeer bijzondere behandeling krijgt. Het stuk is geen proza maar eigenlijk ook weer niet helemaal poëtisch. Althans niet van het abstracte en hermetische soort als de poezie van de ‘vijftigers’. Het is een heel efficiente taalgebruik waarin elke overbodig lidwoord, bijvoeglijk of ander niet noodzakelijk woord is weggelaten. Korte stotende zinnetjes die de toeschouwer precies die informatie geven die nodig is. En ondertussen klimmen de drie spelers in wel twintig verschillende rollen. Bonheur maakt met deze opvoering zijn status als gezelschap dat literair theater brengt helemaal waar.

Tjeu

Bonheur

do 8-4-2010 10:44

gezien: bonheur met "Onder het Melkwoud"


De uitvoeringen door Bonheur van “Onder Melkwoud” van Dylan Thomas in de vertaling van Hugo Claus zijn verlengd. Dat duidt op een succesvolle vertolking van dit beroemde stuk, dan onlangs met Jan Decleir ook al te zien was op het Nazomerfestival in Zeeland. Het stuk is de beschrijving van een dag in een plaatsje aan de kust van Wales. Oorspronkelijk bedoeld als hoorspel voor de BBC (tv bestond nog niet in 1953) worden er maar liefst 66 dorpsbewoners opgevoerd. Zoveel levens, zoveel verwikkelingen; een samengebalde soap in krap anderhalf uur. Een verhaallijn ontwikkeld zich niet, men krijgt een beeld van hoeveel verwikkelingen en intriges zo’n kleine dorpsgemeenschap al bevat.
De taal is prachtig, maar moet dan natuurlijk wel uitstekend verstaanbaar zijn. Soms is het maar een enkele zin die aangeeft wat er zich rondom een persoon afspeelt, daarna is de aandacht alweer verschoven naar de volgende figuur.
Daar ging deze opvoering hopeloos de mist in. Ondanks alle moderne technieken kiezen gezelschappen er toch vaak voor om onversterkt op te treden. Dat stelt dan wel heel hoge eisen aan dictie en voordracht, zeker bij een gezelschap dat “talige” stukken wil brengen. Welnu, hoezeer ik ook mijn best deed, hele flarden tekst gingen aan me voorbij. Met name bij de twee vrouwen was dat vrijwel permanent het geval. Daarmee viel voor mij het stuk grotendeels in een diep gat. Ik verstond gewoon niet wat er gezegd werd. Ergerlijk. En het was allemaal zo mooi begonnen: verteller Ruurt de Maesschalck die de opkomst van de dageraad beschreven met slechts een streep licht over de over de helft van zijn gezicht, de rest van het toneel donker. Vervolgens het heel bijzondere toneelbeeld van beeldende kunstenaar Jasper Niens die de acteurs met behulp van uitvouwbare gebogen staven zijn eigen versie van Melkwoud liet bouwen. Maar daarna ging de tekst steeds vaker langs me heen en raakte ik de weg tussen al die personages volkomen kwijt. De flarden die bleven hangen boden me te weinig houvast. Alleen al de taal had verdiend dat de tekst van woord tot woord goed te verstaan was geweest. Alsjeblieft de volgend keer microfoontjes. Het kost zo weinig moeite en het levert zoveel meer op. Waarom altijd die quasi weerzin tegen moderne techniek. In plaats van de geraffineerde verlichting wordt er toch ook niet met kaarsen gewerkt?  Waarom wordt het gehoor dan telkens zo stiefmoederlijk behandeld, nb door Bonheur!!

Tjeu

Bonheur

17-11-2011

gezien: "Rotterdam" door Bonheur

Op een dag meldde zich per mail een bedeesde jongeman bij Peter Sonneveld van Boijmans van Beuningen met het verzoek of hij een door hem zelf geschreven stuk mocht presenteren. La maar komen, jongen, berichtte Peter hem, en zo geschiedde. Een jaar later brengt Bonheur een voortreffelijke productie die in de Volkskrant vier sterren kreeg. Zonder poespas in klinkklare bewoordingen helemaal passend bij een bepaald deel van de jeugd (zeg maar de studenten in Kralingen) wordt de existentiële twijfel die zich vroeg of laat van alle jongeren meester maakt duidelijk gemaakt. Vreemd dat de Volkskrant zich verbaasde of het feit dat het anders zo ‘talige’ Bonheur zich nu op zo’n alledaags stuk tekst had geworpen. Juist heel begrijpelijk, zou ik zeggen. Dit stuk tekst ís nl. heel talig, goed geschreven, humoristisch en soms messcherp. Voeg daarbij het uitstekende spel van de drie jonge acteurs en ik had een uitstekend avond. Een voltreffer.

Tjeu

Camping Rotterdam

di 20-7-2010 11:20

gezien: camping Rotterdam

Camping Rotterdam is het nogal ordinaire, gratis te betreden zusje van de Parade, gesitueerd in het het pal langs de snelweg gelegen Sidelingepark (zonder dat je van die snelweg ook maar iets merkt, daarvoor produceert de camping zelf te veel lawaai; bovendien is die weg helemaal in het groen verstopt). Het stelde op de openingsavond allemaal niet zoveel voor. Maar als je gevoelig bent voor de nonchalante, onderkoelde, nogal botte Rotterdam-humor vermaak je je wel. Een golfautootje rijdt, voorzien van een scheurende toeter voortdurend in op het donderdag nog niet zo talrijke publiek. Aan boord een in kapiteinskostuum gestoken heer en een enorme nicht, die een dag later met elkaar in het huwelijk zullen treden (zo lees ik in het AD), waarbij de bruid een sleep heeft “waarop Usain Bolt makkelijk een sprint  zou kunnen trekken”. Ik ben terecht gekomen in de voorstelling van een dichterscollectief met het project “Gelul de la Mar”. Daarin gaan twee kakkerlakken met de bus naar Spanje en beleven daar allerlei ranzige avonturen. Ja, je moet een sterke maag hebben (geluid van gekots boven de pleepot begeleidt een van de gedichten) maar dan heb je ook wat zullen we maar zeggen. Een band met leden die zo te zien sinds de jaren zestig van de vorige eeuw niet meer uit de slaapzak zijn geweest omlijst met een afzichtelijke hoop herrie mijn maaltijd Kerry van Corrie. Tsja; cultuur in Rotterdam……

Tjeu

Carnaval Venlo

8-3-2011

gezien: carnaval in Venlo

Hoort dat wel in de rubriek “gezien” thuis? Carnaval? Dat is toch volksvermaak?. Volks en vermaak; dat kan geen kunst zijn. Ja dus, daarom juist wel! Misschien wel de enige keer per jaar waarin de ganse bevolking zich massaal overgeeft aan datgene wat kunstenaars dagelijks bezig houdt: creativiteit en luciditeit. Te rubriceren onder de sectoren erfgoed, beeldende kunst, mode en muziek. Erfgoed vanwege de traditie. Beeldende kunst vanwege de vertaling van commentaar op gezagsverhoudingen, zeden en gewoonten in individueel of groepsgewijs gedragen kostuums en meegevoerde objecten. Mode vanwege de kleding en muziek vanwege de door blaaskapellen uitgevoerde composities; instrumentaal of gezongen. Zonder aansturing van bovenaf, slechts de kalender is dwingend.
Als de zon volop schijnt zoals maandag het geval was zijn de kleuren alleen al overweldigend. Voeg daarbij de klanken. Tegen die mengelmoes kan absoluut geen enkele binnen vier muren gehouden tentoonstelling op. Elke conservator, moderator en en programmeur zou verplicht één dag per jaar een dagje moeten carnavallen. Rococo, Barok, Art Deco, James Ensor, kubisme, fauvisme en Cobra, ja zelfs post modernisme Je beleeft het allemaal, zonder museumkaart, zonder entree.  

Tjeu

Centre Pompidou Metz

ma 5-7-2010 15:00

In mei is in Metz een dependance geopend van het Centre Pompidou uit Parijs, het grote museum voor moderne kunst (met een accent op het begin van de twintigste eeuw) in Frankrijk.Het gebouw in Metz, dat ook deze stad moet gaan opstoten in de vaart der volkeren en het traditioneel dode stedelijke gebied “achter het station” tot bloei moet gaan brengen, heeft veel tongen losgemaakt. Sommigen vinden het prachtig, anderen een wanstaltig voorbeeld van organische architectuur, met een (al te) feestelijke paddenstoel als eindresultaat. Oordeel zelf aan de hand van veel foto’s die ik ter plekke zowel overdag als s’avonds met mijn niet professionele klikklakje heb gemaakt.
Het gebouw is aan de binnenkant mooier dan van buiten moet ik zeggen. In de hal is het zelfs indrukwekkend. Het deed me sterk denken aan de overkapping van het station in Tilburg(Koenraad van der Gaast), in zijn tijd baanbrekend (1965), maar of je dát nu nog kunt zeggen van het ontwerp van (Shigeru Ban en Jean de Gastines) is zeer de vraag.
Mooi is de transparantie van het ontwerp. Als je binnen bent denk je dat er verder geen binnenkant meer is, alles lijkt doorzichtig. Maar dan toch nog openbaart zich een verrassend aantal grote zalen die als het ware hangen onder die geweldige parasol maar de toeschouwer aanvankelijk niet opvallen. Toch wel heel bijzonder.


Tjeu

Chabot Museum

29-7-2011

gezien: Jeanne van Heeswijk in Chabotmuseum

Wat doet Jeanne in het Chabotmuseum?  Nou, op de eerste plaats won Jeanne van Heeswijk de Chabotprijs in 2002. En op de tweede plaats waren ook in het werk van Hendrik Chabot maatschappelijke situaties vertrekpunt. In deze tentoonstelling hangen daarvan enkele voorbeelden. Maar verder gaat de overeenkomst volgens mij toch niet. Al was het maar omdat je van beeldend kunstenaar Jeanne van Heeswijk veel kan zeggen, behalve dat zij ‘beeldend’ werk maakt. Eerder is zijn documentalist, verslaggever van de tijdsgeest, bezieler van publieke ruimten etc. etc. Maar ‘beeldend’ , nee, dat kan ik met geen mogelijkheid zeggen. Juist deze tentoonstelling, waarin allerlei projecten van de laatste 10 jaar worden getoond oogt als een wijkcentrum waarin verslag wordt gedaan van actie, gebeurtenissen in de wijk en ingrepen in de stad. Alles bij elkaar ziet het er eigenlijk buitengewoon onaantrekkelijk uit. Maar dat is tegenwoordig bij het NAi ook zo; alles moet er zo rommelig en onopgemaakt mogelijk uit zien. Een nieuwe trend? Geeft mij dan toch maar het schilderij “Vrede” van Chabot waarin hij met een kleurige weergave van een boerenlandschap het eind van de oorlog viert.
De communityprojecten van Van Heeswijk zijn allemaal heel belangrijk en passend bij Rotterdam (zie b.v. hoe de kraakbeweging uit de jaren negentig leidde tot de voor de Rotterdamse kunstscene zo kenmerkende kunstenaarsinititatieven die tot op de dag van vandaag zeer actief zijn). Maar of de ‘kunst’ van Jeanne in de tijd daadwerkelijk zal beklijven? Ik vraag het me ten zeerste af. Wel in sociologische, academische verhandelingen over de zegeningen van activistische artistieke ingrepen, wel in volgeschreven bibliotheken, maar niet in het museum of in het collectieve geheugen. Wie naar deze tentoonstelling gaat moet bereid zijn voor elke project minimaal een kwartier uit te trekken om werkelijk te begrijpen wat er getoond wordt, wat er aan de hand is. Voor het gezin met kinderen dat na mij binnen kwam en in een kwartier alles gezien had was dat duidelijk een stap te ver. Kunnen we aan geëxposeerde kunst toch niet de eis stellen dat ook de oppervlakkige toeschouwer (die toch ook de moeite heeft genomen een kaartje te kopen) op zijn minst enigermate geboeid moet kunnen toekijken; ook zonder een omgevallen boekenkast met voorkennis.

Tjeu

Conny Janssen Danst

Vr 31-8-2012

Gezien: “How long is now” in Vlissingen

Een week geleden bezocht ik de voorstelling die enkele dagen draaide op het Zeeland Nazomer Festival van Conny Janssen Danst: “How long is now” die nog steeds draait (tot en met morgen) in de machinefabriek op het voormalige Schelde terrein in Vlissingen; een reisje naar deze stemmige locatie in Vlissingen meer dan waard.
Het is weer helemaal Conny met haar eigenzinnige choreografieën op de betonnen vloer van de gigantische, op de onderzeebootloods lijkende locatie in Vlssingen, die speciaal voor deze gelegenheid is opgeknapt. Van Conny zelf, die naast me op de tribune zat, hoorde ik dat ze deze productie ook naar Rotterdam gaat brengen, maar dan wel geschikt gemaakt voor een veel kleinere oppervlak dan het halve voetbalveld dat ze in Vlssingen ter beschikking heeft. Ze heeft wel bij Sjarel Ex lopen hengelen maar geheel volgens verwachting weigerde deze held van de Rotterdamse cultuur alle samenwerking. Let vooral op de wonderfraaie muziek van Alamo Race Track die de voorstelling begeleidt: heel fraai en helemaal in dienst van de dans, speciaal hiervoor geschreven, op twee gezongen nummers na. Dat CJD bij ons zo hoog scoort is meer dan terecht. CJD weet niet alleen dansers te inspireren maar ontwikkelt mee passant (Tilburgs) even ook nieuwe dansmuziek.  

O ja, ook nog even in deze rubriek gezien: de onderkant van het station CS. Het is vanaf deze week mogelijk om onder door het spoor door de passagierstunnel te lopen. Even gaan doen!!

Tjeu

Conny Janssen Danst

vr 18-2-2011 10:40

N.a.v. opmerkingen over het nogal veel “buiten de deur spelen” (lees: buiten Rotterdam spelen)  van Conny Janssen Danst rolt een nieuw beoordelingscriterium over tafel: de Rotterdamindex oftewel, hoeveel procent van alle uitvoeringen of activiteiten van een gezelschap vinden in Rotterdam plaats. In mijn onvolprezen (al zeg ik het zelf) databank zit die index natuurlijk ook. Ik had hem tot nu toe nog niet gebruikt. Welnu hier is de lijst (daarop alleen die instellingen die niet volledig in Rotterdam opereren. Hoe lager het getal, hoe minder een instelling in Rotterdam speelt. Vooraan (dus het minst in Rotterdam spelen) staat Max, gauw snoeien op de Rotterdamse bijdrage zou ik zeggen. En zo in aflopende mate de rest. De discussie is geopend!.
NB. De positie van Poetry wordt veroorzaakt doordat zij slechts 3 activiteiten opgeven waarvan 1 (de uitreiking van een prijs) in Utrecht. De positie van Boijmans kan ik niet 1-2-3- verklaren. Opvallend laag staat het R.Ph. Van de 218 uitvoeringen geven zij er maar 29 buiten Rotterdam! Bonheur is het meest honkvast.

Max
0,07
Hotel Modern
0,11
Danceworks
0,15
Meekers
0,16
Conny Janssen Danst
0,20
Kulsan
0,20
Jong Muziektalent Nederland
0,21
Sinfonia
0,25
Scapino
0,30
Poetry International
0,33
RO theater
0,40
Digital Playground
0,42
Doelenensemble
0,44
Epitome
0,47
passionate/bulkboek
0,48
Siberia
0,52
Theater Maatwerk
0,57
Dansateliers
0,60
Kosmopolis
0,60
Boijmans
0,65
Film in de Buurt
0,69
Jeugdtheater Hofplein
0,72
OT theater
0,81
Nederlands Fotomuseum
0,84
IABR
0,86
Rotterdams Philharmonisch
0,86
Rotterdams Centrum v.Theater
0,91
RJSO
0,94
IFFR
0,95
Bonheur
0,96

Conny Janssen Danst

do 8-7-2010 11:34

gezien: common ground van Conny Janssen Danst

Marc had vanaf deze plaats al aangeraden om naar deze voorstelling te gaan. Ik kon pas nu, maar trof het dat dit keer Corry van Binsbergen voor de ondersteunende muziek zorgde. Corry is al jaren mijn favoriete Nederlandse gitarist, de enige echte waardige opvolger van Frank Zappa!
Stel je voor, de Rotterdamse skyline tegen een langzaam donkerrood wordende avondlucht, voortdurend voorbijsnellende treinen die speciaal voor deze voorstelling van de NS lijken te zijn ingehuurd en helemaal binnen het decor passen, gegroepeerd optrekkende dansers en dan de scheurende gitaar van Corry. Met forse echo, zodat het merkwaardige idee ontstond dat de rest van Rotterdam muisstil was en alles zich concentreerde op deze locatievoorstelling. Álles aan deze voorstelling klopt, de dansers die, aangepast aan de betonnen dansvloer, soms militant marcheren, dan gegroepeerd dribbelen, dan weer merkwaardig wijdbeens synchroon spingen, dan weer als motorisch gestoorde robotten voortbewegen met als hoogtepunten de solo van de als een marionet inzakkende en telkens weer opverende danseres in haar glinsterende jurkje en de imposante neger die een jonge witte deerne met zijn grote hand de adem tracht te ontnemen; zodanig dat ik even dacht dat betrokkene er inderdaad in bleef. De telkens van kleur verspingende verlichting, het geluidsdecor van Michel Banabila maar bovenal de orginele, trefzekere, brutale, grootsteedse choreografie van Conny Janssen. Het toeval wil dat ik naast haar zat en het gevoel had, mede door haar zachtjes ritmische meedeinen, bijna door haar ogen naar het spektakel  te kijken. Een fascinerende ervaring al met al. Precies op het moment dat de stad (na de halve finale Duitsland – Spanje) autotoeterend weer tot leven kwam was de voorstelling afgelopen. Prachig getimed.

Tjeu

Dancing on the edge

wo 9-12-2009 21:13

gezien: "Sounds from here" in het kader van festival Dancing on the edge

Beloofd was een theatrale dansvoorstelling maar het werd voor een 14-koppig publiek een ongearticuleerde bewegings en schreeuwtherapie waarin de Palestijnse Rasha Jahshan haar frustraties over haar door mannelijke waarden en machismo gekenmerkte wereld kon uitkrijsen en uitzweten. Het is nogal wat om daarvan een publiek getuige te laten zijn. Er was nl. niets toonbaars aan het gezeul met een lichtsnoer, het gevecht met een laken en het roken van een sigaret. Heel, heel even leek er een vlam in het kruidvat te worden gestoken toen Rasha opkwam als een soort Edith Piaf of in een rood lamplicht stond te gorgelen en te kokhalsen. Maar verder dan losstaande beelden en onbeholpen gezwaai met armen en benen kwam het niet. Haar leed is ongetwijfeld groots en meeslepend; mij kreeg ze niet mee.

Tjeu