Totaal aantal pageviews

dinsdag 21 juli 2015

Amerikaanse klanken in de franse wijngaarden

dinsdag 21 juli

Een vorstelijk ontbijtje in Vesles, Verser dan vers brood van de "boulanger dans le camp". Een blikje leverpastei is het enige dat we bij hebben als broodbeleg. We zijn gisteren vergeten nu boodschappen te doen en in Vesles was alles al gesloten. Ook geen wijn gisteravond dus. Heel goed voor de hersencellen.
Na enige gerommel begrijp ik hoe de tomtom werkt en besluiten we niet voor de snelste maar de kortste route te kiezen. Fout dus zoals elke tomtombezitter weet. (maar wij niet dus). Bij elke omweg rond een gehucht leidt onze tom tom ons dwars door het dorpje. Zeker bij de steden die we  tegenkomen schiet dat voor geen meter op. Dus alsnog maar voor de snelste weg gekozen. We roetsjen nu zonder dralen naar de Bourgogne, alwaar we in de buurt van Beaune neerstrijken bij een camping in Santenay, het meest zuidelijke puntje van het Bourgogne wijngebied. Volgens een gids van National Geographic bevindt zich in dit gebied een chateau waar de lekkerste witte wijn VAN DE HELE WERELD wordt verbouwd. Die gaan we morgen eens proeven. Zoals we ook een fietstochtje gaan maken, ze verhuren hier in de buurt zowaar elektrieke fietsen! Ik op mijn racefiets en H. op een electromotor er naast, Jut en Juul zijn weer op vietsvakantie.
Het mooiste van deze op prachtige, zuidelijke hellingen gelegen witte wijngaarden uitkijkende camping is niet het uitzicht maar de achtergrondmuziek! op de achtergrond zit de hele avond een kloeke bigband american standards de lucht in te blazen, we wanen ons ergens in de states.

Sokken toch?

maandag 20 juli

Het is weer een drukte van belang in huize Luxembourg aan het Titus Brandsmakwartier te M. Vliegensvlug worden de spullen tamelijke geordend de huurauto ingehesen. Eerst het staketsel van mijn fiets zonder dan wielen, De rest er onder en er om heen. De enige manier om dat ding erin gepropt te krijgen. Op de vraag van H. of ik toch echt niks vergeten ben, b.v. sokken, roep ik gekweld: Sokken toch? Deze twee woorden drukken heel veel uit: "ik weet best wat ik moet inpakken, ik doe dit immers al jaren zelf als ik op mijn fietstripjes de wijde wereld in trek, en ook op mijn reis naar Marokko deed ik het helemaal zelf, en ja, vanzelfsprekend, natuurlijk, als je je eigen kleren inpakt zitten daar natuurlijk ook sokken bij!!". Sokken toch, dust.
Enfin daar gaan we. Op de bovenkant van de inderdaad ook meegeleverde tom tom leg ik behoedzaam mijn nieuwe vondst, een bleu tooth speaker, zodat vanaf nu al mijn op spotify "off line" geselecteerde albums gratis en voor niks (nou ja 10 euro abonnement per maand) de ether kunnen worden ingeslingerd. En nog mooier: het werkt! En zo zullen Enaudi, J.J. Cale, Mark Knopfler, Gerry Rafferty, maar ook the Pearls Before Swine, Daft Punk en Mario Schulz ons tijdens de reis voortdurend begeleiden. Vooral die Mario Schultz is me er eentje. Een volstrekt foute Duitse producer die allerlei deuntjes voorziet van teutoons stampende ritmes. Helemaal fout maar heerlijk voor onder weg. Iedereen kent wel het deuntje onder de Mercedes reclame. Ik was er van meet af aan verkikkerd op en zocht net zo lang op nternet totdat ik de maker te pakken had, Mario Schulz also. Ga maar even zoeken op Spotify en dein met ons mee op de reis naar het zuiden.
We komen niet verder dan Reims, zoals we ook hadden verwacht. De lucht is grijs en af en toe piemelt het wat. Maar tegen de tijd dat we de kathedraal van Reims verlaten begint de lucht open te breken. Ons voornemen om op deze vochtige dag maar een hotelletje te zoeken wordt alsnog omgezet een camping. Reims heeft er zelf geen maar in de direkte omgeving vinden we een rustiek plekje in Vesles.



donderdag 30 april 2015

Prent van de dag 15

                                                   Peppi en Kokki na twee weken Marokko.

Wie zijn eigenlijk het ergst, de jongens in de souk of de autoverhuurbedrijven?

En potverdomme, op de aller, allerlaatste dag overkomt het mij, de hopman, de altijddewegweter, de grote roerganger het toch nog: ik raak met Pierre volkomen de weg kwijt in Marrakech. Een eenvoudige wandeling door de souk naar het centrale plein van Marrakech gaat me al slecht af, we doen er meer dan een half uur over om er te komen, op de terugweg lopen we helemaal vast in het oerwoud van steegjes en soukjes.
Maar voordat het zover is brengen we een allerlaatste bezoekje aan een bezienswaardigheid in Marrakech, die zeer de moeite waard blijkt, het Bahiapalace. Een relatief jonge paleis van de grootvizier van Marrakesh, dat vlak na de eeuwwisselling de plek werd waar de Fransen huisden tijdens de periode dat Marokko een Frans protectoraat  was. Nergens in Marokko zagen we zulke prachtig gedecoreerde plafonds. In twee kamers treffen we zelfs twee mooie open haarden, de enige die we in heel Marokko hebben gezien. De grootvizier was een koukleum blijkbaar.
Daarna moeten we snel terug om op tijd op het vliegveld te geraken. Haast is een slechte compagnon van hen die de weg moeten vinden. We worden steeds verder opgeslokt door de medina. Overal dringen zich hinderlijke types aan ons op. Ik hou ze bars van me af, maar elke keer als ik mijn gigantische plattegrond uitklap, dus elke 5 minuten, storten ze zich weer als hongerige wolven op hun prooi. Ik geef het op, vraag de weg en weer loopt een tros Marokkanen ons vooruit naar ons hotel. Aldaar ontspint zich weer hetzelfde tafereel. Ik ben nu slechts bereid om nog 50 dirham ( 5 euro) weg te geven. Als een van jongens het biljet uit mijn hand grist, roept hij gelijk om meer, Ik duw hem weg. Iemand langs de kant van de souk roept dat hij honderd dirham moet vragen. Hij roept dat zijn broertjes nog niks gehad hebben. Ik been er stevig van door, Pierre komt achter me aan. Op de een of andere manier laten ze Pierre oftewel de eerbiedwaardige Ali Baba, eigenlijk ook een beetje een grootvizier, met rust. Maar ik als beheerder van de beurs van de grootvizier krijg telkens de volle laag.. Ik heb het stadium bereikt waarin ik aan dat al dat gepluk en gezeur om geld, om méér geld wel te verstaan, een teringhekel heb gekregen. We gaan precies op tijd weg uit deze kokende ketel (het is vandaag weer een graad of 35). Bij de geparkeerde auto komt de maffiabaas die volgens mij deze hele hoek regeert nog even vragen of de man die bij de auto staat nog wat kan krijgen. ‘Betaal hem maar van datgene wat ik je enkele dagen heb gegeven’ roep ik hem na en rij weg.  
Dan met de auto naar het vliegveld, nergens staat dat aangegeven. Pierre weet niet hou hij een 'Airport' op zijn tom tom moet vinden, dus we proberen het maar zonder. Een grote uitvalsweg lijkt ons de juiste, een agent bevestigt dat we goed zitten. Maar even later wijzen twee jongens ons de tegenovergestelde richting. Nergens, maar dan ook nergens een bord. Bij een benzinepomp wijzen ze ons weer terug. Via een onbegrijpelijke binnenweg komen we terug in Marrakech toch eindelijk bij het vliegveld aan. Het parkeren en wegbrengen van de sleutels van de huurwagen gaat dan eigenlijk heel vlotjes, al blijkt onze groene kaart verdwenen. Ergens heel vaag in mijn achterhoofd  heeft de agent die ons een bekeuring gaf dat ding uit het hoesje gehaald en er blijkbaar niet meer ingestoken. Dat zal dus ook wel weer afgeboekt worden op het bedrag dat ik nog terug zou krijgen. Ook het afleveren van de auto op een andere plek dan bij vertrek komt ons op een extra fee van 90 euro te staan. Wie zijn nu eigenlijk het ergst, die arme jongens in de souk die ook een centje extra willen of die zogenaamde nette autoverhuurbedrijven?
Enfin, we vullen weer eens een vertrekformulier in ten behoeve van de regering in Rabat en hebben helaas geen fooi meer voor de toiletjuf op de airport. Al onze dirhams zijn nu echt op.


woensdag 29 april 2015

Prent van dag 14: Peppi en Kokki brengen ambiance in Marokko!

                                                                 O li o li o la

O li o li o la


Goedgemutst worden we wakker in het hotelletje in de palmen langs de rivier bij Ouarzazate waar we ons steeds beter thuis zijn gaan voelen. De hotelbaas is een nog jonge Marokkaan die we gisteravond aan de hand van cartoons Hollandsche Humor hebben proberen bij te brengen, na enige twijfelachtige pogingen begon hij gaandeweg steeds schaapachtiger te grinniken. Maar hij had ook kritiek: Marokkanen dragen geen Fez, dat zijn Turken. En Pierre vergeet poppetjes telkens 5 vingers te geven. Ook moppen over bedelende mensen gingen er niet zo in als Gods woord in een ouderling. Ik heb in deze blog weinig gezegd over maaltijden, maar de maaltijd van gisteravond met kalkoen gestoofd in een mengelmoesje met o.a. olijven en een desert van versnipperde rode vruchten was ‘hors categorie.
Vandaag gaat het laatste bezoek in Ouarzazate naar de filmstudio Oscar. Al aan de entree van Ouarzazate maken levensgrote klapborden duidelijk dat dit de stad is waar talloze films zijn gemaakt, naast degene die ik al eerder genoemd heb ook “The temptation of Christ” en enkele afleveringen van “Games of Throne”.
We maken met een gids een rondtocht langs allerlei fantastische decors waarbij ik dat van de tempel van Cleopatra toch wel alles vindt slaan.

Pierre probeert een filmpje met mij in de hoofdrol te maken binnen in een Egyptische tempel, maar de belichting is zo slecht dat dit resultaat nimmer enige filmzaal zal halen. We rijden terug over de Atlas langs een andere weg en komen in de onwaarschijnlijke wereld van Ben Haddou terecht, een op een bergje langs een Nijl-achtige rivier gelegen kasbah van 600 jaar oud.

Als we na een vermoeiende tocht helemaal naar boven weer terug bij de auto komen is Pierre zijn fototoestel kwijt. In grote paniek rent hij de heuvel weer op, geen acht meer slaand op de hitte. Ondertussen wijst een jongetje mij op een plekje onder de auto waar een fototoestel ligt. Ik bedank hem uitvoerig en geef hem een fooi. Zijn vader maant hem onmiddellijk achter Pierre aan te gaan. Triomfantelijk voert het kereltje de grote Ali Baba (de naam die door werkelijk iedereen hier aan Pierre wordt gegeven) terug naar de auto waar ik het apparaat weer aan de rechtmatige, slordige eigenaar teruggeef.
De tocht gaat door een onwaarschijnlijk mooi landschap in het namiddagstrijklicht, waardoor de rode aarde nog roder en de lichtgroene berghellingen nog groener lijken. Daarachter de besneeuwde bergtoppen die in films vaak de rol van Himalaya toebedeeld krijgen. Zo werd ook een nieuwe versie van “the last emperor”  ergens opgenomen.
Onderweg lullen we honderduit, over onze jeugd, over onze angsten en dromen, over van alles. Ik herinner Pierre aan de eerste keren toen we elkaar ontmoetten, toen de muziek van de Internationale Nieuwe Scene bij Pierre voortdurend op de draaitafel lag. Ineens herinnert Pierre zich nog een lied uit Mistero Buffo, en zo zingen wij in de afdaling luidkeels gezamenlijk:
O, li o li o la, onze rijen groeien aan, het waren socialisten,  het waren sociali-isten,
O, li o li o la, onze rijen groeien aan, het waren socialisten, die hebben het verstaan
Bijna met tranen in de ogen denken we aan de jaren zeventig terug toen deze teksten nog NIET leidden tot allerlei cynische grappen, maar we nog trots met gebalde vuist op mei-bijeenkomsten de Internationale aanhieven. Hoe anders is het nu met onze rode gezindheid, toch wat fletser geworden.

Zo rollen we weer Marrakech binnen waar we met onze bolide op gezag van de tom tom hopeloos verstrikt raken in de medina. Een aantal jongeren springt op onze nek om ons naar de juiste plek te brengen. Ik onderhandel weer op barse toon, maar het kost ons toch weer 10 euro om op de juiste plek te komen. Aldaar aangekomen ontmoeten we weer de man die voor veel  geld de eerste keer de koffers naar ons hotel bracht. Ik zeg hem dat hij ons  maar onze eigen gang moet laten gaan, want anders zou hij wel eens achter de tralies kunnen komen….. De man begrijpt het en maakt zich uit de voeten.

dinsdag 28 april 2015

Prent van de dag 13

                                                        Peppi en Kokki tillen de boef!