Op de weg terug gaan we bij de Bielokjes eten. Ik kan het niet laten nog eventjes een omwegje te rijden langs ons appartement van het vorig jaar. Dat ligt er hoog boven Riviera nog even vredig bij. Maar dit jaar, zo maken we de balans op, was de zee bij ons huidige appartement toch indrukwekkender nabij en de fietswegen in de omgeving veel beter. De Bielokken trakteren ons op heerlijke rijst met kip en de zoetste aardbeien ter wereld. Ten onrechte hebben we die enorme Spaanse aardbeien de afgelopen weken laten liggen. We dachten dat het waterige ‘ wasserbomben’ waren. Geheel ten onrechte bleek dit vooroordeel tegenover deze eerlijke, uniek Spaanse winterkoninkjes. Alleen al om die reden moeten we volgende jaar weer terug.
Totaal aantal pageviews
maandag 22 februari 2016
We hebben het Spaanse fruit zeer onheus bejegend
Vorig hebben we zo staan blauwbekken in Ronda, dat we besluiten er nog een keer naar toe te gaan, maar nu met onze jassen aan en daaronder een trui. En nu blijken we natuurlijk veel te warm ingepakt want het is een graad of 16 vandaag. Het licht is minder mooi dan de vorige keer, want de hele omgeving is gehuld in een dikke nevel die de hele dag niet meer verdwijnt. Net zoals de vorige keer blijken ook nu de palazzo’s gesloten of gerestaureerd te worden, kortom Ronda hult zich in een winterslaap. Een oud broodje met ham kost ineens ook 7 euro. Deze dag dreigt enigszins in mineur te eindigen, ware het niet dat we een pad ontdekken dat ons de kloof van de Tajo in voert, waardoor we die enorm diepe, steile spelonk eens van heel dichtbij kunnen bekijken. Voorover hangend over een richel weet ik zelfs een deel van de diep weggestopte geheime mijn te fotograferen. Wat ze daar opduikelden of bewaarden zal voor ons een eeuwig geheim blijven, ik vind er in de Rough Guide en op Wikipedia niks over. Toch goed dat er ook in dit digitale tijdperk sommige dingen niet traceerbaar, geheimzinnig, verborgen blijven
Op de weg terug gaan we bij de Bielokjes eten. Ik kan het niet laten nog eventjes een omwegje te rijden langs ons appartement van het vorig jaar. Dat ligt er hoog boven Riviera nog even vredig bij. Maar dit jaar, zo maken we de balans op, was de zee bij ons huidige appartement toch indrukwekkender nabij en de fietswegen in de omgeving veel beter. De Bielokken trakteren ons op heerlijke rijst met kip en de zoetste aardbeien ter wereld. Ten onrechte hebben we die enorme Spaanse aardbeien de afgelopen weken laten liggen. We dachten dat het waterige ‘ wasserbomben’ waren. Geheel ten onrechte bleek dit vooroordeel tegenover deze eerlijke, uniek Spaanse winterkoninkjes. Alleen al om die reden moeten we volgende jaar weer terug.
Op de weg terug gaan we bij de Bielokjes eten. Ik kan het niet laten nog eventjes een omwegje te rijden langs ons appartement van het vorig jaar. Dat ligt er hoog boven Riviera nog even vredig bij. Maar dit jaar, zo maken we de balans op, was de zee bij ons huidige appartement toch indrukwekkender nabij en de fietswegen in de omgeving veel beter. De Bielokken trakteren ons op heerlijke rijst met kip en de zoetste aardbeien ter wereld. Ten onrechte hebben we die enorme Spaanse aardbeien de afgelopen weken laten liggen. We dachten dat het waterige ‘ wasserbomben’ waren. Geheel ten onrechte bleek dit vooroordeel tegenover deze eerlijke, uniek Spaanse winterkoninkjes. Alleen al om die reden moeten we volgende jaar weer terug.
zaterdag 20 februari 2016
Op de voorlaatste dag ontdekken we onze stek voor 2017
Zo ontdek ik vandaag ook dat de kustroute via Nerja naar Almunecar helemaal niet vlak is maar behoorlijk op en neer golft. De weg voert langs misschien wel het mooiste stuk van de hele zuidelijke Spaanse kunst (deze wijsheid ontleen ik aan de Rough Guide). Omdat de grote weg vrijwel parallel aan deze loopt is deze weg bijna uitgestorven, een fietsersparadijs. Dat weten er velen, want ik kom heel wat renners aan de overkant tegen. De weg voert op een behoorlijke hoogte met prachtige blikken op ongerepte strandjes en enorme baaien. Jammer dat het vandaag toch weer eens ontzettend moet waaien, telkens als ik vanuit de bergen richting zee rij en daar de bocht om ga wordt ik bijna van mijn fiets geblazen. Het is dus voortdurend goed opletten. Aan het eind van de rit terug rijd ik in Nerja ook weer eens lek, weer een voorband. De zojuist aangeschafte binnenband kan er meteen op.
Volgens goed gebruik rijden we ’s middags deze rit nog eens na. We zien geweldig mooie panorama’s van een kunst die ons af ten toe aan Corsica doet denken. De kust is hier echt veel en veel mooier dan de andere kant van Malaga. Maar als we wat later Almunecar binnen rijden weten we al vrij snel dat dit onze plek van volgende jaar moet worden. Een werkelijk prachtige plaats aan een enorme baai waar we aan het kiezelstrand een heerlijk in de luwte liggend terras vinden. Ik sukkel weg en H. maakt een foto van een opeens wel heel merkwaardig uitziende scheef onderuithangende oude man met verwaaid wit haar. Na mijn middagdutje beklimmen we een rots en kijken uit op een steeds wilder wordende zee aan de ene kant een middeleeuws fort aan de andere. Daarna langs een werkelijk zeer fraaie boulevard en strand bezaaid met enorme palmen komen we in een oude binnenstad waar we afgaan op het geluid van een soort marsmuziek. We blijken terecht gekomen in een heuse battle van alle plaatselijke drumbands met hun uitgebreide blazerscorpsen. Het geluid van de ritmesectie is heel anders dan bij ons. Op de eerste en derde tel volgt telkens een roffel waarbij de slag net na de tel valt, dus: een-e, twee, drie-e, vier. Heel apart. Alle corpsen duiken uiteindelijk het Casa de la Cultura in. Wij gaan op zoek naar boquerones en vinden die in een klein restaurantje waar de eigenaar ons met het grootste plezier de lekkerste visjes ooit voor zet, versierd met brood, olijven en onwaarschijnlijk lekkere aioli. Voor ons staat vast: het volgend jaar wordt het Almunecar of directe omgeving. En wat zullen we vaak terugkomen bij deze gezellige baas op dat oude stadspleintje.
Volgens goed gebruik rijden we ’s middags deze rit nog eens na. We zien geweldig mooie panorama’s van een kunst die ons af ten toe aan Corsica doet denken. De kust is hier echt veel en veel mooier dan de andere kant van Malaga. Maar als we wat later Almunecar binnen rijden weten we al vrij snel dat dit onze plek van volgende jaar moet worden. Een werkelijk prachtige plaats aan een enorme baai waar we aan het kiezelstrand een heerlijk in de luwte liggend terras vinden. Ik sukkel weg en H. maakt een foto van een opeens wel heel merkwaardig uitziende scheef onderuithangende oude man met verwaaid wit haar. Na mijn middagdutje beklimmen we een rots en kijken uit op een steeds wilder wordende zee aan de ene kant een middeleeuws fort aan de andere. Daarna langs een werkelijk zeer fraaie boulevard en strand bezaaid met enorme palmen komen we in een oude binnenstad waar we afgaan op het geluid van een soort marsmuziek. We blijken terecht gekomen in een heuse battle van alle plaatselijke drumbands met hun uitgebreide blazerscorpsen. Het geluid van de ritmesectie is heel anders dan bij ons. Op de eerste en derde tel volgt telkens een roffel waarbij de slag net na de tel valt, dus: een-e, twee, drie-e, vier. Heel apart. Alle corpsen duiken uiteindelijk het Casa de la Cultura in. Wij gaan op zoek naar boquerones en vinden die in een klein restaurantje waar de eigenaar ons met het grootste plezier de lekkerste visjes ooit voor zet, versierd met brood, olijven en onwaarschijnlijk lekkere aioli. Voor ons staat vast: het volgend jaar wordt het Almunecar of directe omgeving. En wat zullen we vaak terugkomen bij deze gezellige baas op dat oude stadspleintje.
vrijdag 19 februari 2016
Mijn lief is jarig vandaag
Wie denkt dat op vrijdagavond in het bejaardenparadijs Torrox Costa de voetjes van de vloer gaan komt wederom bedrogen uit. Op de boulevard is het na zonsondergang net zo uitgestorven als anders. De bejaarden hebben zich in hun appartementen opgesloten en komen er pas morgen na negenen weer uit. Voor de restauranthouder van La Rompiente wordt het weer een zware avond. In zijn sfeervolle ambiance pal naast de trap die naar de boulevard leidt, toch zo’n beetje de beste plek van Torrox, zijn wij voor de rest van de avond de enige gasten. Zo ver het oog rijkt gedekte tafeltjes, maar wij zijn en blijven de enigen die aanschuiven. Zo te horen klinkt dat heel deprimerend voor een verjaardagsvondje, maar dat is het allerminst. De vrouwelijke kelner en de kok sloven zich de hele avond uit om dit etentje tot iets onvergetelijks te maken en ze slagen daar helemaal in. Het begint al met de garnalen in een knoflooksaus met hele hete pepers die als manna op de tong wegsmelten. Het geheel wordt afgeblust met een witte wijn uit Alzuz (?) met een hint naar tropische vruchten als ananas en papaya. Vervolgens gaan we allebei aan de zeebaars die bij nader inzien Dorade blijkt (misschien is Dorade wel een ander woord voor zeebaars). Twee joekels van vissen verschijnen op onze borden die mals als boter zijn, vergezeld van – naar believen – allerlei soorten olijfolie. Want voor een gewone fles olijfdrab doen ze het in Spanje niet. De wat pittige olijfolie uit Cordoba is mijn favoriet, H. gaat meer voor de wat mildere drambugueta (of iets dergelijks, in ben de precieze naam vergeten). De kok kom speciaal uit de keuken om te vertellen hoe hij de vis heef klaargemaakt om meteen maar een gerecht voor de komende weken te presenteren: een tournedos met een saus gemaakt van jus met kruiden en port. Hoewel we al danig verzadigd zijn krijg ik ter plekke opnieuw honger. Dat duurt niet lang want daar komt de kruimige appeltaart en voor H. Bulgaarse yoghurt met honing en walnoten voorbij om af te ronden met een Cappuccino met een hoofdletter C. De kelner blijkt een Italiaanse die pet ongeluk in Spanje verzeild is geraakt en dus een heuse barista. Zij onthult dat tien jaar geleden ook in Italië een kop koffie nog gewoon een kop koffie was voordat er allerlei nuffige soorten op de markt kwamen. Als we naar buiten wandelen hebben we het idee bij het stel vrienden op bezoek te zijn geweest. Gelukkig is er een lift en hoeven we niet zelf de trappen op naar de zesde verdieping.
donderdag 18 februari 2016
De aardappels komen door als alles op is
Voor het eerst in bijna drie weken is het echt Nederlandse weer, mist, zwaar bewolkt en regen. Spanje oogt als Nederland op maandagmorgen. We besluiten om de Bielokjes maar eens te gaan opzoeken, die net gisteravond zijn aangekomen in Fuengirola. Toch nog ongeveer een uurtje in de bolide om daar te komen. Ze zitten in een zuurstokrood appartotel naast een gigantisch winkelcentrum, dus Ron Bielok kan de komende weken zich weer helemaal uitleven; hij is nl. een van de zeldzame mannen die winkelen LEUK vindt! Hoewel het strand maar ongeveer 400 meter van hun appartement verwijderd is vind Ron dat toch 100 meter te ver. De vorige keer in Torremolinos zaten ze er nl. maar 300 meter vandaan. Waar je al niet over kunt mopperen. En dat terwijl ze ook nog pontificaal uitzicht hebben op het fort van Fuengirola. Met een beetje fantasie zie je de Spaanse ridders er op hun paarden met wapperende vaandels al uit komen. Daarna gaan we met z’n tweetjes door naar het Thyssen Museum in Malaga, ooit gesticht door een puissant rijke Duitse staalmagnaat die met een Spaanse trouwde. Prachtige schilderijen uit de 19e en 20e eeuw die toch niet kunnen tippen aan onze schilders van rond de eeuwwisseling. Diep nemen we echter onze hoed af voor de zeegezichten van Guillermo Gil, ongeëvenaard. Water heeft bij hem wel 200 kleuren, hij weet over zijn schilderijen een spannende nevel te leggen, waarvan je niet snapt dat dat uit een tube kan komen. Ook de expositie met affiches van kunstenaars “ van Toulouse Lautrec tot Jef Koons” is fraai. Ik probeer zonder naar de bordjes te kijken te raden uit welk tijdvak de affiches afkomstig zijn. Er hangen er zeker honderd, bij nog een 10 zit ik er minder dan 5 jaar naast. Kunstenaars hebben toch een stijl die niet onmiddellijk aan tijd gerelateerd is hou ik mezelf maar voor. Meest opvallend vond ik een affiche van Kokoschka voor de Olympische Spelen van München in 1974, een mannelijke atleet met broek met enorme bobbel er in. Volgens mij heeft die nooit ergens gehangen.
In een restaurantje in Malaga centrum houden ze er de merkwaardige opvatting op na de een best een kwartier eerder zijn gerecht voor zich kan hebben dan de tafelgenoot. Ook is het niet vanzelfsprekend dat je bij een stuk varkensvlees aardappels of frietjes krijgt. Ja, als je er om vraagt krijg je ze als je je vlees al op hebt. Nou ja, ’s lands wijs, ’s lands eer zullen we maar zeggen.
In een restaurantje in Malaga centrum houden ze er de merkwaardige opvatting op na de een best een kwartier eerder zijn gerecht voor zich kan hebben dan de tafelgenoot. Ook is het niet vanzelfsprekend dat je bij een stuk varkensvlees aardappels of frietjes krijgt. Ja, als je er om vraagt krijg je ze als je je vlees al op hebt. Nou ja, ’s lands wijs, ’s lands eer zullen we maar zeggen.
woensdag 17 februari 2016
just a perfect day
Als ik na mijn klimtochtje met de wind in de rug, geen wolkje aan de lucht, langs de staalblauwe zee rij, de branding op een meter op 20 afstand van mijn banden, aan de andere kant van de weg steil oprijzende geelbruine rotspartijen, ja dan ben ik de koning te rijk en weet ik zeker dat we dit volgend jaar weer opnieuw gaan doen; ergens in Andalusië aan de kust neerstrijken en drie of vier weken alleen doen waar we zin in hebben. Nadat ik ‘ thuis’ gekomen ben, doen we de rest van de dag niks, behalve wat boodschapjes. H zwaait weer met haar toverstafje en zorgt voor een vurrukkuluke ovenschotel met aubergines, courgetttes, wortels en uien met heel veel knoflooktenen er tussen. Daar echte scharrelkop doorheen; man, man, wat is dat smullen. Dan nog zo’n 6,5 % Spaanse biertje erbij…. Om te lezen is dit allemaal ontzettend saai, om te beleven ontzettend gaaf.
dinsdag 16 februari 2016
Hoe Granada veel leuker is dan we ons herinnerden
Alweer heel wat jaartjes geleden waren we ook in Granada. Behalve het bezoek aan het onvermijdelijke Alhambra was daar ons weinig meer van bij gebleven. Daarom deden we vandaag die koningenstad nog een keer. Terwijl we het vorige keer een beetje een duffe stad vonden zagen we nu een sprankelende stad vol jongeren. Nou is Granada een echte studentenstad met een enorme universiteit dus dat er zoveel jong volk rondloopt mag niet verbazen. Eerst maar eens naar de kathedraal die we nooit eerder bezocht hebben. Een enorme renaissancekasteel geheel in roomwit uitgevoerd. De kerk die bijna vierkant is steunt op een aantal machtige pilaren en doet sterk denken aan het bouwwerk dat diezelfde Carlos V (onze Karel de Vijfde) liet bouwen in de moskee van Cordoba. Daar ervaarden we het als een enorme stijlbreuk met de oorspronkelijk Islamitische gebedsplaats, hier in Granada staat dat enorme bouwwerk geheel op zichzelf en is bepaald indrukwekkend. Maar met name de sfeer in de oude stadswijk Albeicin bevalt ons zeer; allereerst werkt het prachtige weer mee, overal leuke opgaande straatjes en pleintjes en terrasjes. Op een van die pleintjes, die sterk doen denken aan het Quartier Latin in Parijs, strijken we neer en genieten van de heerlijke zonnestralen op deze overigens koude dag. Ook in Granada is het echt winter, de Spanjaarden lopen allemaal in dikke jassen en sjaals. We herinneren ons ineens dat we ook de bergwand achter Albeicin hadden beklommen en dat we daar hadden gezien hoe daar gezinnen in grotten leefden onder ontzettend armoedige omstandigheden. We beklimmen die heuvel nog een keer maar lopen niet meer de omweg langs die grotten. Zo veel zin om die armoe weer te zien hebben we nou ook weer niet. Over armoede gesproken, het valt ons op hoeveel er gebedeld wordt in Granada, vooral het aantal jonge Afrikanen dat bedelt valt op (maar mag ons eigenlijk niet verbazen, ongetwijfeld zijn een aantal bootvluchtelingen hier blijven hangen). We lopen verder door Albeicin en komen, via een poort die zo weggeplukt lijkt uit een Marokkaanse stad (daar was ik immers een jaar geleden nog met Pierre),bergafwaarts in een drukke steeg, die alsmaar gezelliger en drukker wordt, opvallend veel jongeren weer. De steeg mondt uit in een onvervalste souk, met dat verschil met Marokko dat de verkopers je hier niet voortdurend lastig vallen maar rustig laten rondkijken We kijken maar kopen niks, we zijn per slot van rekening Hollanders.
H. die tot nu teleurgesteld is omdat ze zo weinig besneeuwde toppen heeft gezien wordt helemaal op haar wenken bediend. Op onze terugweg naar de kust scheren we langs de hoogste toppen van de Sierra die in het late avondlicht fel wit oplichten. De bovenkant van de Sierra bestaat niet uit bergtoppen maar is een langgerekte bergkam waarop de sneeuw als enorme dikke pannenkoek alles afdekt. Op een gegeven moment lijkt het alsof we er recht op af rijden. H’s dag kan niet meer kapot en legt het tafereel wel 20 keer vast.
H. die tot nu teleurgesteld is omdat ze zo weinig besneeuwde toppen heeft gezien wordt helemaal op haar wenken bediend. Op onze terugweg naar de kust scheren we langs de hoogste toppen van de Sierra die in het late avondlicht fel wit oplichten. De bovenkant van de Sierra bestaat niet uit bergtoppen maar is een langgerekte bergkam waarop de sneeuw als enorme dikke pannenkoek alles afdekt. Op een gegeven moment lijkt het alsof we er recht op af rijden. H’s dag kan niet meer kapot en legt het tafereel wel 20 keer vast.
God helpt een handje mee
Mijn fietstocht omhoog en terug naar Competa (op ongeveer 1000 meter hoogte) verliep vandaag voorspoedig ondanks de koude wind die me tegemoet waaide op de bergflanken. Maar helemaal aan het eind van de afdaling terug, waarin ik een lang stuk in rechte lijn omlaag kan dalen gaat het toch bijna fout. Ik knal over een putdeksel en enkele seconden daarna loopt mijn voorband sissend leeg. Dat is niet prettig; met een vaartje van 40 km met een lege band snel af moeten remmen. Ik moet er niet aan denken wanneer zo iets gebeurt in een peletonnetje, een van de redenen waarom ik nooit graag in groepjes rijd. Maar ik hou mijn ros in bedwang en moet, alvorens aan de laatste kilometer naar huis te beginnen, toch nog eerst een bandje plakken.
Aan het eind van de middag rijden we nog een stuk de Sierra in om de volgens de Rough Guide schitterende Zafalaya-pas op te zoeken. Welnu, een mooiere pas heb ik zelden aanschouwd. Al een half uur rijden we door een dal omringd door bergen waarbij recht voor ons een soort U in de rotswand opdoemt. Naarmate we dichterbij komen (en alsmaar hoger) wordt die U door de late avondzon in een geelroze, fel licht gezet. God doet zijn uiterste best om dit tochtje tot een onvergetelijk schouwspel te maken. Als we door de U heen rijden zijn we meteen ook de provincie Malaga uit komen in een stadje dat er heel anders uit ziet. We rijden de provincie Granada binnen, duidelijk een ander gebied met een andere sfeer. Maar omdat het over een half uur donker zal zijn draaien we om en rijden weer terug door de U naar huis. God gaat nog even door met een showtje ten beste te geven en zet alle wolken in een oranje, later knalrode en uiteindelijk paarse gloed.
Aan het eind van de middag rijden we nog een stuk de Sierra in om de volgens de Rough Guide schitterende Zafalaya-pas op te zoeken. Welnu, een mooiere pas heb ik zelden aanschouwd. Al een half uur rijden we door een dal omringd door bergen waarbij recht voor ons een soort U in de rotswand opdoemt. Naarmate we dichterbij komen (en alsmaar hoger) wordt die U door de late avondzon in een geelroze, fel licht gezet. God doet zijn uiterste best om dit tochtje tot een onvergetelijk schouwspel te maken. Als we door de U heen rijden zijn we meteen ook de provincie Malaga uit komen in een stadje dat er heel anders uit ziet. We rijden de provincie Granada binnen, duidelijk een ander gebied met een andere sfeer. Maar omdat het over een half uur donker zal zijn draaien we om en rijden weer terug door de U naar huis. God gaat nog even door met een showtje ten beste te geven en zet alle wolken in een oranje, later knalrode en uiteindelijk paarse gloed.
Abonneren op:
Posts (Atom)